Truusentruus.nl recensie van het spel: Ticket to Ride - the card game
Recensie door : guido  
Beoordelingscijfer : (8.0)  
   
Auteur : Alan R. Moon Minimum aantal spelers : 2
Uitgever : Days of Wonder Maximum aantal spelers : 4
Jaar van uitgave : 2008 Talen : Nederlands en Engels
Leeftijd vanaf : 8 jaar Nog verkrijgbaar? : ja
Speelduur : 30 minuten Prijs : ca. 14 Euro
 
1) Introductie:
Strijd met je familie en vrienden en verzamel de nodige treinkaarten om op je bestemming te komen. Met dit handige formaat speeldoos kun je Ticket to Ride overal waar je maar wilt spelen.
2) Spelmateriaal:
Het spel bestaat uit:

• 80 treinwagonkaarten
• 16 locomotiefkaarten
• 6 bonuskaarten “Grote steden”
• 46 bestemmingskaarten
• 1 spelregelboekje met Engelse, Italiaanse en Nederlandstalige spelregels

Treinwagonkaart
Bestemmingskaart
3) Vormgeving en uitleg van het materiaal:
Dit spel heeft een prachtige vormgeving. De doos is voorzien van een mooie afbeelding aan de voorzijde van een locomotief, die wordt toegejuicht door toeschouwers. De achterzijde laat de verschillende kaarten van het spel zien. Ook zijn er leuke en grappige afbeeldingen van treinen en personen te zien. Jammer is wel dat je op de achterzijde niet goed kunt zien waar het spel exact over gaat. Een duidelijke afbeelding van het spel zou beter geweest zijn. Het spelmateriaal voldoet prima. De kaarten zijn van een prima kwaliteit. Ze zijn voorzien van prachtige gedetailleerde afbeeldingen van treinen. De kaarten hebben prachtige kleuren.

De 80 treinwagonkaarten zijn er in 8 verschillende kleuren. Op de voorzijden zijn allen identiek door een afbeelding van een locomotief. De achterzijden hebben telkens een andere wagon in een aparte kleur (wit, geel, groen, blauw, oranje, rood, paars en zwart). De kleuren zijn ook als 2 cirkels in de linker- en rechterbovenhoek van de kaarten aangegeven. Ook zijn er per kleur 2 cirkels met een eigen symbool in de kleur van de kaart.

Er zijn ook 16 locomotiefkaarten, die dezelfde voorzijde hebben als de treinwagonkaarten, maar op de achterzijde een locomotief hebben afgebeeld staan. Ook hebben zijn in de linker- en rechterbovenhoek een cirkel staan met alle 8 kleuren en 2 cirkels met een eigen symbool.

De bestemmingskaarten hebben op de voorzijde de tekst “Central Stations – Tickets” met hierop de 8 kleuren en symbolen van de treinwagonkaarten en het symbool van de locomotief. Op de achterzijde staan 2 namen van steden vermeld. Aan de linkerzijde staan cirkels met kleuren die benodigd zijn om dit traject te voltooien. Er zijn kaarten met 1 tot en met 5 cirkels. Hoe meer cirkels er afgebeeld staan hoe meer punten de kaart oplevert als hij voltooid is. Aan de rechterzijde staan tevens de tekst van de 2 steden en ook weer de cirkels maar nu als symbolen.

De 6 “Grote Steden” bonuskaarten zijn er in 6 verschillende kleuren. Ook hebben ze allen een andere waarde:

• Zwart, Seattle, waarde 8
• Rood, Miami, waarde 8
• Groen, Dallas, waarde 10
• Wit, Los Angeles, waarde 12
• Geel, Chicago, waarde 12
• Blauw, New York, waarde 15
4) Voorbereiding en uitleg aan anderen:
Ik heb heel wat spelregels in de loop der jaren gelezen, maar zo slecht als deze regels uitgelegd zijn heb ik nog nooit gezien. De regels zijn onduidelijk en hebben taalfouten, vreemde woorden en zinnen die niet kloppen. Ik kan me voorstellen dat als je dit spel hebt gekocht je de spelregels van dit spel absoluut niet begrijpt. Dit terwijl de regels toch vrij simpel zijn en makkelijk aan anderen uit te leggen zijn. Ik zal in mijn samenvatting proberen de regels op een simpele manier uit te leggen.

Voorbereiding:
Elke speler krijgt een locomotiefkaart. De resterende locomotiefkaarten worden samen met alle treinwagonkaarten geschud. Elke speler krijgt verdekt 7 kaarten. Deze neemt hij op handen. De resterende kaarten worden als een verdekte trekstapel in het midden van de tafel gelegd. Nu worden de bovenste 5 kaarten omgedraaid en als een rij naast elkaar naast de trekstapel gelegd. De 6 kaarten met “Grote Steden” worden op een hoek van de tafel naast elkaar gelegd. De bestemmingskaarten worden geschud en elke speler krijgt er 6. Elke speler bekijkt zijn bestemmingskaarten en kiest en moet minstens 1 kaart hiervan houden, maar heeft ook de keuze om ze alle 6 te houden. De bestemmingskaarten die een speler niet wilt houden legt hij af. Alle afgelegde bestemmingskaarten worden samen met de overgebleven bestemmingskaarten geschud en als trekstapel naast de open treinwagonkaarten gelegd.
5) Spelverloop:
Doel van het spel
De spelers spelen treinwagonkaarten en locomotiefkaarten uit. De gespeelde kaarten worden vergeleken met de bestemmingskaarten van de speler. Per bestemmingskaart wordt uiteindelijk de overeenkomende kleuren van deze kaart vergeleken met de afgelegde treinwagon- en locomotiefkaarten. Per bestemmingskaart staan een aantal punten aangegeven en 2 steden. De punten voor de behaalde kaarten worden bij elkaar opgeteld. Ook zijn er bestemmingskaarten waarbij 1 of 2 steden een kleur hebben. Wie aan het einde van het spel de meeste kleuren van een bepaalde stad heeft voltooid pakt de overeenkomende “Grote Steden” bonuskaart. Deze punten telt hij bij de behaalde bestemmingskaarten op. De niet behaalde bestemmingskaarten worden van het totaal afgetrokken. De winnaar is de speler met de meest behaalde punten.

De jongste speler begint. Als hij zijn beurt heeft gedaan is zijn linkerbuurman aan de beurt. Er wordt dus met de wijzers van de klok mee gespeeld. Een beurt bestaat uit 2 fasen:

1) Leg treinwagonkaarten vanuit je neergelegde kaarten (rangeerstation) op je eigen aflegstapel (goede spoor stapel)
2) De speler moet 1 van de volgende acties uitvoeren:
a) Trek nieuwe treinwagonkaarten;
b) Leg treinwagonkaarten neer op je rangeerstation;
c) Trek bestemmingskaarten.

a) Trek nieuwe treinwagonkaarten
Je mag 2 treinwagonkaarten pakken van de openliggende treinwagonkaarten die in het midden van de tafel liggen. Je mag ook treinwagonkaarten van de gesloten trekstapel pakken. Een combinatie tussen deze 2 is ook mogelijk. Als er een locomotiefkaart tussen de openliggende kaarten ligt telt deze als 2 kaarten als je deze wilt pakken. Je mag dan niet nog een kaart pakken. Trek je een locomotiefkaart van de gesloten stapel, dan heb je mazzel, want deze telt gewoon als 1 kaart. Als je een kaart uit de open kaarten pakt, vul je de lege plek gelijk aan met de bovenste kaart van de trekstapel. Een speler mag zo veel kaarten op handen houden als hij wil.

b) Leg treinwagonkaarten neer op je rangeerstation
Een speler mag handkaarten voor zich neer leggen en maakt hiermee een rangeerstation. Een speler kan kiezen om:
• 2 of meer kaarten van dezelfde kleur neer te leggen; of
• Precies 3 kaarten met elk een andere kleur neer te leggen.
Als een speler 2 of meer kaarten van dezelfde kleur neer legt moeten de kaarten onder elkaar geplaatst worden. Je kunt hierbij een locomotief als joker inzetten, deze komt echter wel onderaan de rij te liggen. Als je 3 kaarten met verschillende kleuren neer legt mag je geen locomotiefkaart gebruiken. Let op! Treinwagonkaarten mogen niet geplaatst worden als de kleur van deze kaart al bij een medespeler op tafel ligt in zijn rangeerstation. Je mag dit echter wel doen als het aantal kaarten wat je neer legt hoger is dan het aantal kaarten wat de andere speler op tafel heeft liggen. De andere speler moet nu zijn kaarten afleggen op een aflegstapel.

c) Trek bestemmingskaarten
De speler trekt 4 nieuwe bestemmingskaarten van de trekstapel. Hij bekijkt ze en mag kiezen hoe veel kaarten hij wil houden. Hij mag ze ook allemaal afleggen. De afgelegde kaarten komen onder aan de trekstapel.

Als de trekstapel met treinwagonkaarten is verbruikt heeft elke speler nog 1 beurt. Dit geldt ook voor de speler die de laatste kaart van de trekstapel heeft genomen. Als ook deze beurt voorbij is worden alle handkaarten en kaarten die een speler nog in zijn rangeerstation heeft liggen op de aflegstapel gelegd. De speler pakken hun “goede spoor stapel” en hun bestemmingskaarten. Aan de hand van de verschillende bestemmingen legt een speler de overeenkomende treinwagonkaarten af. Locomotiefkaarten mogen als jokers ingezet worden. De waarde van de afgeronde bestemmingskaarten worden bij elkaar opgeteld. Bij een spel met 2 of 3 spelers is het spel teneinde en ga je gelijk naar speleinde (zie onder). Bij een spel met 4 spelers worden blijven de spelers hun handkaarten houden als ook hun niet voltooide bestemmingskaarten. Overige kaarten die gebruikt werden voor het voltooien van bestemmingen, kaarten uit openliggende rangeerstations en ongebruikte kaarten uit de “goede spoor stapels” worden op de aflegstapel gelegd. De aflegstapel wordt nu geschud en elke speler krijgt 4 nieuwe treinwagonkaarten. Het spel eindigt nu als bij 2 of 3 spelers als de trekstapel op is. De bestemmingskaarten van een speler worden nu vergeleken met de “goede spoor stapel”. De afgeronde bestemmingskaarten uit de eerste ronde worden nu bij de afgeronde bestemmingskaarten uit de tweede ronde opgeteld.

Speleinde
Spelers die nu nog niet afgeronde bestemmingskaarten hebben trekken het totaal van deze kaarten van hun score af! De afgeronde bestemmingskaarten van de spelers worden open gelegd. De omschreven steden met een kleur worden bij elkaar opgeteld. De speler die de meeste steden van een kleur heeft neemt de overeenkomende bonuskaart van deze stad. De bonuskaarten van een speler worden bij het totaal van punten opgeteld. De speler met de meeste punten wint het spel. Bij een gelijke stand wint de speler met de meeste bonuskaarten.
6) Pluspunten:
• Prachtige vormgeving
• Prima spelmateriaal
• Stevige en kwalitatief goede kaarten
• Makkelijk uit te leggen
• Alternatief voor het bordspel
• Spannend
• Bevordert het denkvermogen
7) Minpunten:
• Achterzijde doos laat niet goed zien waar het spel over gaat
• Spelregels zijn een ramp; onduidelijk, taalfouten en vreemde woorden en zinnen.
8) Samenvattend:
Dit kaartspel is een afgeleide van het grote en bekende bordspel. Ook hier moeten de spelers met locomotieven en wagons trajecten overbruggen en punten scoren.

In dit kaartspel proberen de spelers routes te maken. Hiervoor hebben de spelers de beschikking over bestemmingskaarten waar 2 steden op staan die ze proberen te verbinden. Deze verbinding behaalt een speler door de aangegeven kleuren van de kaarten te sparen. Op elke kaart staat namelijk 1 tot en met 5 cirkels met kleuren van wagons aangegeven. Ook staat er een cijfer met het aantal punten wat een speler kan behalen. Je kunt je voorstellen dat een route met 1 cirkel minder punten oplevert dan een route met 5 cirkels. Je moet voor een route met 5 cirkels namelijk 5 kaarten sparen.

Kaarten sparen doen de spelers door handkaarten op tafel neer te leggen. Blijven deze kaarten een ronde liggen en is de speler weer aan de beurt, dan mag hij van elke rij met dezelfde gekleurde kaarten, de bovenste kaart pakken en op zijn “goede spoor stapel” neerleggen. Deze stapel bestaat uit gesloten kaarten die de spelers niet meer mogen zien. Je moet het hele spel dus goed bijhouden welke kaarten je hebt afgelegd op deze stapel. De gesloten stapel wordt namelijk aan het einde van het spel doorgenomen en daar worden de routes mee gemaakt. Een route met een witte en blauwe cirkel zou dus een witte en blauwe kaart moeten bevatten. Een speler moet dus tijdens het spel goed opletten of hij een witte en blauwe kaart in zijn “goede spoor stapel” legt. Zo doen de spelers dit voor al hun bestemmingskaarten. Ze proberen alle routes te behalen. Ze mogen tijdens het spel ook nieuwe bestemmingskaarten trekken, zodat ze ook verder kaarten kunnen sparen en zo hun nieuwe bestemmingen als routes kunnen voltooien.

Het sparen van kaarten gebeurt vanuit de handkaarten van een speler. Als een speler aan de beurt is heeft hij de optie om kaarten op tafel neer te leggen. Als deze een ronde blijven liggen komen de bovenste kaarten zoals eerder gezegd op de “goede spoor stapel”. Een speler mag 2 of meer kaarten met dezelfde kleur spelen of 3 kaarten met een verschillende kleur. Er is hier 1 maar bij… de kleur van de kaarten mag niet al op tafel liggen bij een andere speler… mits! Je meer kaarten dan die speler uitspeelt. Als voorbeeld: Er liggen 2 blauwe kaarten op tafel. Je speelt 3 blauwe kaarten. De andere speler moet zijn 2 blauwe kaarten op de aflegstapel leggen. Zo voorkom je dat een speler een bepaalde kleur spaart. Nadeel is wel dat jij telkens een ronde moet wachten totdat je voldoende kaarten hebt om de liggende kaarten weg te spelen. Een ander voorbeeld: Er ligt een stapel met 3 rode kaarten. Je hebt zelf 1 gele, 1 blauwe en 1 rode handkaart. Je moet nu kaarten pakken, omdat je ze niet kan neerleggen. Er ligt tenslotte al rode kaarten op tafel. Je zou dus 2 kaarten kunnen neerleggen, en je moet exact 3 kaarten met verschillende kleuren neerleggen. Voordeel hiervan is dat als je 3 kaarten open blijven liggen tijdens een ronde, je ze de volgende ronde op je “goede spoor stapel” mag leggen. Nadeel is dat je soms niet kan spelen, omdat alle kleuren van jouw handkaarten al op tafel liggen.

Tijdens een beurt moet de speler eerste zijn bovenste openliggende kaarten van zijn rijen met kaarten op de “goede spoor stapel” leggen. Daarna heeft hij de keuze uit 3 acties: 2 kaarten pakken, kaarten op tafel leggen en nieuwe bestemmingskaarten trekken.

Het spel krijgt nog een andere wending door de inzet van locomotieven. Een locomotief telt als joker en kan als elke kleur worden ingezet. Je mag deze echter alleen als onderdeel van een reeks met dezelfde gekleurde kaarten spelen en niet als onderdeel van een set van 3 verschillende kaarten. Ook worden locomotieven als ze op tafel leggen als bovenste kaart neergelegd in een rij. Deze kaarten worden dus als eerste op de “goede spoor stapel” gelegd. Een super voordeel! De jokers moet je wel bijhouden, want ze vervangen een kleur die niet in je stapel ligt.

Bij dit spel moeten de spelers dus goed opletten welke routes ze hebben en welke kaarten ze sparen, neerleggen en op hun ”goede spoor stapel” worden gelegd. Dit is het belangrijkste element van het spel. Als je dit goed bijhoud en de juiste kaarten spaart heb je de meeste kans om het spel te winnen. Als je al je routes hebt gemaakt kun je extra bestemmingen nemen waarmee je verder kunt sparen, het spel eindigt dus niet zo maar. Leuke element aan dit spel is het spelen van kaarten op tafel en hun beperking van het niet kunnen leggen. Een spel waarin kaarten met een doel gespaard moeten worden valt bijna altijd goed bij spelers.

Dit spel is een leuk alternatief voor het bordspel. Het spel is bijna net zo spannend en misschien op sommige onderdelen wel leuker. Met leuker bedoel ik het gedwongen afleggen van kaarten. Ik speel het met veel plezier. Een kaartenspaarspel uit het hoogste segment!

Waardering: 78 punten = 8.

9) Tips:

• Hou goed bij welke kleur kaarten je op het “goede spoor stapel” neer legt.
• Bekijk ook goed welke kleur kaarten een andere speler spaart, het heeft geen nut om deze ook te gaan sparen.
• Probeer soms een set van 3 verschillende kaarten te spelen, dit levert je gelijk 3 kaarten op als ze een ronde blijven liggen.
• Pak extra bestemmingskaarten als je al je routes hebt gemaakt.
• Pak eerst een gesloten kaart.

Commentaar van anderen :

Naam:
Peter van der Graaf
Commentaar:
Het gebeurt niet vaak maar dit keer vind ik het kaartspel leuker dan het bordspel waarvan het afgeleid is.
8

Terug naar beginpagina